| 12 december 2011: | Verklaring zakelijk gebruik bestelauto |
|
| De belastingdienst laat weten dat een 'Verklaring zakelijk gebruik bestelauto' aangevraagd kan worden via een formulier dat binnenkort beschikbaar is op de site van de fiscus.
De Belastingdienst krijgt vragen over de ‘verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto’. Het formulier waarmee deze verklaring afgegeven kan worden, is eind 2011 beschikbaar op de website van de fiscus.
Per 1 januari 2012 wordt voor bestelauto’s de 'verklaring uitsluitend zakelijk gebruik bestelauto' ingevoerd. Een ondernemer, een particulier met resultaat uit overige werkzaamheden of een werknemer kan daarmee verklaren, dat hij met de bestelauto van de zaak geen enkele kilometer privé rijdt. Zo kan de bijtelling/onttrekking voor privégebruik vermeden worden en hoeft geen rittenadministratie bijgehouden te worden.
De verklaring kunt u uitsluitend afgeven via een door de belastingdienst beschikbaar gesteld formulier.Het formulier, en een toelichting van de regeling, zijn naar verwachting eind 2011 beschikbaar via de website van de belastingdienst.
[ Bron: Belastingdienst ]
|
| 11 juni 2011: | Termijn laag btw-tarief renovatie en herstel woningen verlengd |
|
| De termijn van het tijdelijk verlaagde btw-tarief voor de renovatie en herstel van woningen ouder dan twee jaar is verlengd tot 1 oktober 2011. De Staatssecretaris van financiën komt met dit besluit tegemoet aan vragen vanuit de bouwbranche. Voorwaarde is dat de werkzaamheden aan de woning daadwerkelijk voor 1 juli 2011 zijn begonnen en voor 1 oktober 2011 zijn afgerond. Dit moet uit de werkenadministratie van de aannemer blijken. Het is dus niet voldoende wanneer alleen de overeenkomst tot uitvoering van de werkzaamheden voor 1 juli 2011 is afgesloten.
Bron: Register Belastingadviseurs |
| 08 januari 2011: | Planning rond lijfrenten |
|
| Door te ‘spelen’ met de looptijd en ingangsdatum van lijfrente-uitkeringen kan een aantrekkelijk belastingvoordeel behaald worden. Hiernaast kan een lijfrente ook zeer goed gebruikt worden om het persoonlijke inkomen te plannen.
Lijfrenten
Een lijfrente is zowel een levensverzekering als een belegging die (periodiek) uitkeert in geval van leven. De periodieke uitkeringen (waarvan de ingangsdatum door de verzekeringnemer bepaald wordt) gaan door totdat de verzekerde overlijdt. Indien de verzekerde overlijdt voordat de periodieke uitkeringen gestart zijn zal er een eenmalige uitkering gedaan worden.
Een lijfrente hoeft niet noodzakelijkerwijs bij een professionele verzekeringsinstelling afgesloten te worden, maar kan ook bij een (eigen) besloten vennootschap of zelfs een particulier ondergebracht worden. Fiscaal gezien is afsluiting bij een verzekeringsinstelling het meest voordelig, aangezien dit een voorwaarde is om de premie aftrekbaar te maken. Een andere voorwaarde voor aftrek van premie is dat de lijfrente ter compensatie van een pensioentekort afgesloten dient te zijn.
Inkomensplanning
Om te zorgen dat het besteedbaar inkomen op een stabiel niveau blijft, kan met de uitkeringen van een lijfrente ‘geschoven’ worden. Als blijkt dat u in toekomstige jaren een lager inkomen heeft, kan de lijfrenteverzekering aangesproken worden. Belangrijk is dus dat u berekent wat in de toekomst uw inkomen zal zijn. Op basis van deze verwachtingen kan gekozen worden voor een tijdelijke of levenslange lijfrente en kan ook de ingangsdatum van de lijfrente bepaald worden.
Fiscale planning
Als er vanuit een fiscaal oogpunt naar de toekomstige lijfrente-uitkeringen gekeken wordt, is niet het besteedbaar inkomen maar het belastbaar inkomen in box 1 van belang. Nu kunt u de keuze van het moment van uitkering laten afhangen van de hoogte van het belastbaar inkomen in een bepaald jaar. Ook hier is stabiliteit van het inkomen het uitgangspunt. Indien u een bepaald jaar in een lagere belastingschijf terecht komt kunt u een beroep doen op de uitkering zodat het belastbaar inkomen toch op het ‘normale’ niveau blijft.
Indien u voldoende liquide middelen tot uw beschikking heeft geeft dit een extra dimensie aan de ‘speelruimte’. In jaren waarin het belastbaar inkomen relatief hoog is, kan er een beroep worden gedaan op het vermogen (wat geen extra inkomsten tot gevolg heeft), in jaren waarin het belastbaar inkomen lager is kan er aanspraak gedaan worden op de lijfrente-uitkeringen. Dit heeft een stabiel belastbaar inkomen tot gevolg.
|
| 08 januari 2011: | Online prijsindicatie op Idema.nl |
|
| Vanaf heden is het mogelijk om online een prijsindicatie op te vragen op onze website.
Als eerste administratiekantoor bieden wij de mogelijkheid om direct inzicht te krijgen in de kosten van de door u gewenste dienstverlening.
Dit sluit goed aan bij onze visie om duidelijk en open te communiceren met onze (toekomstige) klanten.
Klik hier om direct een prijsindicatie op te vragen.
Door enkele gegevens in te voeren die van toepassing zijn op uw organisatie kunnen wij een betrouwbare indicatie geven van de kosten van de dienstverlening.
Naar aanleiding van de indicatie kunt u contact met ons opnemen en kunt u zonder verplichtingen een gesprek met ons aangaan waarna wij een definitieve offerte zullen maken.
Klik hier om direct een prijsindicatie op te vragen. |
| 08 januari 2011: | Veel voorkomende fouten in het arbeidscontract |
|
Bij het opstellen en sluiten van een arbeidscontract worden vaak fouten gemaakt die het contract onwettig maken. De zeven meest voorkomende worden hieronder beschreven.
Proeftijd van drie maanden
Aan de proeftijd is een limiet verbonden. De proeftijd mag maximaal één maand duren:
- bij een tijdelijke arbeidsovereenkomst die korter duurt dan twee jaar;
- bij een tijdelijke arbeidsovereenkomst waarbij geen einddatum is afgesproken
Alleen bij CAO mag een langere proeftijd worden afgesproken. De proeftijd mag maximaal twee maanden duren:
- bij een vast dienstverband;
- bij een tijdelijke arbeidsovereenkomst voor twee jaar of langer.
Proeftijd mondeling afspreken
Een proeftijd moet altijd schriftelijk vastgelegd worden. Een mondelinge afspraak is ongeldig en geldt volgens de wet niet als proeftijd. Op deze regel is één uitzondering: als de proeftijd in de CAO is vastgelegd, hoeft dit niet in het contract te staan.
Vijf contracten
In drie jaar tijd mogen maximaal drie arbeidsovereenkomsten van bepaalde tijd met dezelfde werknemer afgesloten worden. Na afloop van de derde arbeidsovereenkomst komt de persoon automatisch in vaste dienst, ook als daarover niets afgesproken is. Wilt u niet met de persoon verder of wilt u wijzigingen in de overeenkomst aanbrengen (zoals tijdsduur) dan moet u hier dus op tijd mee komen!
Als u een tijdelijke werknemer na drie jaar en drie contracten alsnog onder een tijdelijk contract wil laten werken, dan kan dit alleen indien de werknemer een geheel andere functie krijgt. Er moet dan wel erg duidelijk sprake zijn van verandering in de werkzaamheden.
Oproepcontract verlengen
Indien u een oproepkracht meerdere keren (hiervan is al sprake bij 4 oproepen) kort na elkaar oproept kan hij zich beroepen op de bepaling dat bij een keten van meer dan drie tijdelijke contracten het laatste contract als een vast contract geldt. Indien tussen de oproepen een pauze is ingelast van drie maanden en één dag is deze bepaling niet van toepassing.
Gelijke opzegtermijn
Normaal gesproken is de opzegtermijn voor de werknemer één maand. Een andere termijn mag onderling (schriftelijk) afgesproken worden, met een maximum van zes maanden. De opzegtermijn voor de werkgever moet minstens twee keer zo lang zijn en kan dus nooit gelijk zijn aan die voor de werknemer. Bij CAO kan van deze termijn worden afgeweken.
De minimale wettelijke opzegtermijnen zijn als volgt:
Bij een arbeidsrelatie: is de opzegtermijn:
| korter dan 5 jaar | 1 maand | | tussen de 5 en 10 jaar | 2 maanden | | tussen de 10 en 15 jaar | 3 maanden | | van 15 jaar en langer | 4 maanden |
Goed functioneren negeren
In arbeidsovereenkomsten wordt nogal eens de intentie vastgelegd dat het contract zal worden omgezet in een vast dienstverband als de werknemer goed functioneert. Indien de werknemer tijdens dit contract nooit ingelicht is over zijn functioneren wordt uitgegaan van goed functioneren zodat het contract in een vast dienstverband omgezet moet worden onder het motto “geen nieuws is goed nieuws”.
Te weinig opnemen
De werkgever is verplicht een aantal gegevens schriftelijk aan de werknemer te laten weten. Het gaat om:
- Naam en woonplaats van de werkgever en werknemer
- Plaats waar de arbeid wordt verricht
- Functie van de werknemer of aard van het werk
- De gebruikelijke arbeidsduur
- Tijdstip van indiensttreding
- Duur van de overeenkomst (indien deze voor een bepaalde tijd is)
- Lengte van de (eventuele) proefperiode
- Vakantie-aanspraak
- Opzegtermijn
- Loon en uitbetalingstermijnen
- (Eventueel) pensioen
- (Eventueel) concurrentiebeding
- (Eventueel) boetebeding
- De toepasbaarheid van de CAO
|
| 08 januari 2011: | Controleer de echtheid van de VAR bij de belastingdienst |
|
Als u binnen uw onderneming werkt met ZZP-ers.
Controleer dan hun VAR! Een VAR-winst uit onderneming of een VAR-directeur-grootaandeelhouder geeft u als opdrachtgever de begeerde vrijwaring dat u niet als werkgever van de ZZP-er kunt worden aangemerkt.
U moet dan 5 zaken doen:
- U moet een kopie van de VAR bij uw administratie bewaren
- U moet de identiteit van de ZZP-er vaststellen
- U moet een kopie van een geldig identiteitsbewijs van de ZZP-er bij uw administratie bewaren
- U moet controleren of de werkzaamheden van de ZZP-er overeenkomen met de in de VAR genoemde werkzaamheden
- U moet controleren of de werkzaamheden plaatsvinden binnen de geldigheidsduur van de VAR.
Een juist VAR en de juiste controles en documenten kunnen de opdrachtgever vrijwaren voor een naheffing van loonbelasting en premies. Dat maakt zo’n VAR tot een begeerd bezit, zozeer zelfs dat valselijk opgemaakte VAR’s opduiken als de Belastingdienst weigert om zo’n verklaring af te geven omdat niet aan de voorwaarden wordt voldaan.
Als u de VAR-verklaring wilt checken, kunt u bellen naar het Landelijk Coördinatiepunt VAR van de Belastingdienst. Dat coördinatiepunt is tijdens kantooruren te bereiken via 088 - 15 11 000
Bron: www.belastingbelangen.nl |
| 13 december 2010: | Hoge boete bij te laat indienen aangifte IB en Vpb |
|
Per 1 januari 2009 zijn de boetes voor het te laat indienen van alle aanslagbelastingen (inkomstenbelasting, vennootschapsbelasting en de schenk- en erfbelasting) hoog geworden. De maximale boete is € 4.920,-. De belastingdienst houd het volgende schema aan:
- Te laat indienen IB en Schenkings- en erfbelasting: € 226,-
- Boet bij tweee maal te laat indienen aangifte IB: € 984,-
- Boet te laat indienen Vpb: € 2.460,- (zelfde boete bij eerste en tweede verzuim)
- Bij stelselmatig te laat indienen wordt de maximale boete van € 4.920,- opgelegd
Houd er rekening mee en verzamel alle gegevens op tijd en zorg dat de aangifte op tijd wordt ingediend. |
| 07 januari 2010: | Laag BTW tarief bij verbouwing, de feiten |
|
Op 30 augustus 2010 heeft de minister van financieen een besluit uitgevaardigd dat bij verbouwingen en onderhoud van een woning het verlaagde BTW toegepast mag worden. Van 1 oktober 2010 t/m 30 juni 2011. Het volledige besluit vind u hier: https://zoek.officielebekendmakingen.nl/stcrt-2010-13720.html
In de praktijk komen er veel vragen over dit onderwerp. Hieronder de feiten.
- Lage BTW tarief <6%) mag alleen toegepast worden op arbeidkosten (uren).
- Lage BTW mag alleen worden toegepast op woningen die ouder zijn dan 2 jaar. Dus niet als er werk wordt gedaan aan bedrijfspanden.
- Lage BTW mag alleen worden toegepast als de dienst wordt afgerond op of na 1 oktober 2010 is en voor 1 juli 2011. Als de laatste factuur van een verbouwing na 1 juli 2011 wordt uitgereikt is het hoge BTW tarief van toepassing op het gehele werk, dus ook op alle deelfacturen tussen 1 oktober 2010 en 30 juni 2011.
- Lage BTW mag alleen worden toegepast bij renovatie en herstelwerkzaamheden in of aan de woning. Dus niet bij het plaatsen van een tuinhuisje.Wel bij: plaatsen keuken, vervangen verwarming, CV installatie aanleggen.
|
| 30 september 2010: | Nieuwsbrief 3e kwartaal 2010 |
|
| Hier kunt u onze nieuwsbrief van het 3e kwartaal 2010 lezen. De nieuwsbrief is in pdf formaat. |
| 22 september 2010: | Belastingplan 2011: Stimulans voor ondernemerschap en innovatie |
|
| Extra maatregelen om ondernemerschap en innovatie te bevorderen, nieuwe regels in de strijd tegen fraude en belastingontwijking en zeer zuinige auto’s blijven fiscaal aantrekkelijk. Dat zijn de belangrijkste punten uit het Belastingplan 2011 van de minister van Financiën, Jan Kees de Jager.
Voor het gehele artikel zie: www.elsevierfiscaal.nl |